Het goud in de Colombiaanse regio Bajo Cauca vormt de kern van een extractie-economie met schadelijke gevolgen. Het metaal wordt al sinds de pre-Spaanse tijd gedolven en wordt sinds de jaren 1970 intensief geëxploiteerd door het bedrijf Mineros Aluvial. Met het volledige eigendomsrecht op de grond en bodem heeft dit bedrijf de controle over het grootste deel van het land langs de Nechí rivier. De grote winsten uit de goudwinning hebben ook andere ondernemers aangetrokken die illegaal hun baggermachines hebben geïnstalleerd. Die machines halen het goud uit rivierbeddingen en draslanden, waardoor het aquatische milieu verstoord wordt. Het materiaal wordt vervolgens vermengd met kwik en gewassen, een proces dat grote hoeveelheden giftig afval oplevert en in het water wordt loost.

De hebzucht naar winst heeft ook gewapende groepen gecreëerd in de regio, die nog meer land roven en illegaal goud delven. Goud is niet alleen een kostbaar metaal, maar ook belangrijk voor technologische en wetenschappelijke innovaties, vooral in de geneeskunde, elektronica, ruimtevaart en hernieuwbare energie. Toch levert de goudwinning geen voordeel op voor de lokale bevolking. Integendeel, ze vernietigt ecosystemen, houdt vissers weg van de traditionele visserij, belemmert de toegang tot landbouwgrond en verergert de voedselonzekerheid van lokale gemeenschappen.
Ondanks gerechtelijke uitspraken waarin rivieren worden erkend als rechtssubject, blijft het kader voor de bescherming en ondersteuning van gemeenschappen ontoereikend. Daarom organiseren ze zich om samen het misbruik van de mijnbouwers aan te klagen, hun rechten te verdedigen en de rivieren en ecosystemen te beschermen.
Partners op het terrein: het Volksinstituut voor Vorming (IPC) en het Multi-etnisch Netwerk voor de verdediging van het grondgebied en de mensenrechten, dat meer dan 130 organisaties omvat. Dit project wordt in België ondersteund door Solsoc.

